NIEUWSFEED

Nieuws uit de Rechtspraak

Alle landelijke nieuwsberichten van de Rechtspraak
  • Vanaf 22 juli kunnen advocaten en gemachtigden via Mijn Rechtspraak eenvoudig communiceren met het gerecht. Bijvoorbeeld voor een vraag of korte mededeling. Na succesvolle ervaringen met deze nieuwe webportaalfunctie bij kort geding handel en familie, wordt dit nu in alle digitale zaken mogelijk.

    Een vraag over de zitting. Het burgerservicenummer doorgeven van de cliënt en andere betrokkenen bij een echtscheidingsverzoek. Als advocaat laten weten of u de moeder of de vader bijstaat in een gezag- en omgangszaak. Zulke korte mededelingen en vragen kunnen nu direct in Mijn Rechtspraak worden opgesteld en verstuurd.

    Opstellen en uploaden

    Vanaf de genoemde datum is er in Mijn Rechtspraak een extra optie toegevoegd om te communiceren met het gerecht dat de zaak behandelt. De processtukken en F-formulieren uploaden advocaten en gemachtigden zoals gebruikelijk als aparte pdf-bestanden. Voor korte vragen en mededelingen hoeven advocaten en gemachtigden nu niet langer een eigen document te uploaden. In plaats daarvan kunnen ze eenvoudig hun mededeling of vraag typen in het webportaal. Die komt dan in het digitaal dossier terecht. Zo kunnen ze in één bericht meerdere documenten uploaden en vragen of mededelingen opstellen. Met deze verbetering geeft de Rechtspraak invulling aan een grote wens van advocaten en gemachtigden.

    Digitale dienstverlening blijven uitbreiden en verbeteren

    In steeds meer zaken hebben burgers, advocaten en andere professionals via Mijn Rechtspraak digitaal toegang tot het recht. Naast de uitbreiding met nieuwe soorten zaken ontwikkelt de Rechtspraak het webportaal en andere digitale dienstverlening steeds verder. We vinden het belangrijk dat procesdeelnemers daarover meedenken, zodat de mogelijkheden zo goed mogelijk aansluiten bij hun behoeften. Een volgende verbetering waar de Rechtspraak aan werkt is de vernieuwing van de roljournalen en de verbinding daarvan met Mijn Rechtspraak.

  • Rechters stellen professionele standaard op voor getuigenverhoor

    Getuigen kunnen in rechtszaken van groot belang zijn bij de zoektocht naar wat er precies is gebeurd. Maar hoe weten rechters eigenlijk of een getuige de waarheid spreekt? Dat is helemaal niet eenvoudig, blijkt uit een professionele standaard voor het horen van getuigen (pdf, 361,7 KB) die de civiele afdelingen van de gerechtshoven onlangs hebben gepubliceerd. Raadsheren (rechters in hoger beroep) riepen daarvoor de hulp in van de wetenschap, met verrassende uitkomsten.

    Geheugen

    Rechters proberen met hun uitspraken recht te doen aan wat er is voorgevallen. Als partijen daar heel verschillende verhalen over vertellen, komt het dus goed van pas dat iemand getuige was van een mishandeling, of een vermogende vrouw tegen haar nichtje hoorde zeggen dat zij slechts de helft van het geleende geld terug hoefde te geven. Maar getuigen kunnen onwaarheden vertellen, bewust of onbewust. Zelfs als zij er zelf van overtuigd zijn dat ze de waarheid spreken. 'Het geheugen is geen videocamera die afspeelt wat er gebeurd is', zegt Annelies Vredeveldt, rechtspsycholoog aan de VU in Amsterdam. 'Het werkt heel efficiënt: we onthouden wat belangrijk is, de rest vergeten we. Die focus is nog sterker in een bedreigende situatie: als er een wapen op je gericht wordt, let je daarop en kan je minder goed registreren hoe de dader eruit ziet.'

    Valkuilen

    Ze wordt geregeld als deskundige opgeroepen in strafzaken. Dan wijst ze rechters op valkuilen bij het  beoordelen van een verklaring. Invloeden van buitenaf kunnen herinneringen bijvoorbeeld flink vervuilen. 'Mensen zijn heel beïnvloedbaar. We weten soms zeker dat we iets hebben meegemaakt, terwijl we dat in werkelijkheid van een ander hebben gehoord. Dat beseffen we niet omdat de bron in een ander deel van ons geheugen wordt opgeslagen dan de gebeurtenis.' Een vraag kan al genoeg zijn. 'Als een moeder haar kind vraagt of een man aan haar vagina heeft gezeten, is de kans groot dat het kind 'ja' zegt, uit meegaandheid, en dat ze het ook voor zich ziet. Dan kunnen die beelden onderdeel van haar herinneringen worden, alsof het haar echt is overkomen. Zo kan het met volwassenen ook gaan.'

    Fascinerend

    Voorzitter Herman van Harten van het LOVCH (Landelijk Overleg Vakinhoud Civiel van de Hoven) is blij dat een werkgroep van raadsheren van elk gerechtshof een professionele standaard over het horen van getuigen heeft opgesteld (zie kader). 'Het is goed dat in kaart is gebracht wat rechters zich moeten realiseren als getuigen een rol spelen en hoe ze daarmee omgaan. Dat heeft 51 aanbevelingen opgeleverd voor het verhoor, de voorbereiding, de beoordeling en verslaglegging in civiele zaken. Maar ook rechters in andere rechtsgebieden kunnen hier hun voordeel mee doen.' Van Harten vindt het resultaat fascinerend en ook relativerend. 'Er staan echte eye-openers in, zoals: als je vandaag een herinnering ophaalt en daarover praat, sla je hem daarna anders op. Een maand later vertel je een net iets ander verhaal. En ook intuïtieve vooringenomenheid kleurt onze herinneringen: de 'confirmation bias' zorgt er bijvoorbeeld voor dat ze passen bij wat we toch al dachten.'

    Onzichtbare leugens

    Naast al die kronkels van het geheugen hebben rechters ook te maken met getuigen die bewust liegen. Sommige ondervragers denken dat ze dat echt wel merken, aan nerveuze lichaamstaal bijvoorbeeld, een hakkelende verteltrant of een kaal verhaal zonder details. Dat is een illusie, zegt Annelies Vredeveldt. 'Ik hoor vaak rechters zeggen: “Zij verklaarde heel stellig". Of: “Het was een consistent verhaal dat klopte met wat een andere getuige vertelde". Maar dat zegt niets. Misschien is er heel goed geoefend of is het verhaal zorgvuldig afgestemd met de andere getuige. Je kunt niet weten of een ander liegt. Rechters moeten dus niet de getuige beoordelen, maar zijn verklaring, en de inhoud daarvan vergelijken met ander bewijs. Dat kan wel aanwijzingen geven voor het waarheidsgehalte.'

    Linkeroor

    Daphne Schreuder, een van de opstellers van de professionele standaard, beaamt dat. Ze is bijna twintig jaar rechter en heeft in die tijd heel wat getuigen gehoord. ‘Het zou mooi zijn om te horen dat iemand liegt als hij met zijn rechterhand aan zijn linkeroor krabt’, grapt ze. ‘Zo is het helaas niet. Je kent die mensen niet en weet dus niet of ze zenuwachtig zijn en waarom dat zo is. Wat je wel kunt doen, is goed luisteren en na een tijdje naar details vragen: waar is dat geld betaald, hoe zag de kamer eruit, was het warm of koud? De antwoorden daarop verzin je niet zomaar, dan ga je stamelen. Maar dat betekent nog steeds niet dat iemand liegt; misschien weet hij het gewoon niet meer. Een suggestie die we kregen is het verhaal in omgekeerde volgorde te laten vertellen. Die vond ik heel verrassend. Het lijkt me erg moeilijk om dan nog consequent te liegen.’

    Geen sturende vragen

    Eigenlijk vallen de mogelijkheden om via getuigenverhoor aan waarheidsvinding te doen nogal tegen, zegt Schreuder. 'Maar soms moeten we het natuurlijk toch doen. We weten ook dat partijen en advocaten het belangrijk vinden.' En als je het doet, moet je het goed doen, vindt ze. 'Dus: stel je open op, kweek een sfeer van vertrouwen en laat het verhaal uit de getuige komen, zonder zelf informatie te geven, sturende vragen te stellen of onbedoeld woorden in iemands mond te leggen. En kom zo nodig tot de conclusie dat het verhoor geen bewijs oplevert. We weten nu veel beter wat we níét weten.'


    Professionele standaarden

    Professionele standaarden zijn kwaliteitsnormen die rechters zelf in samenspraak ontwikkelen, om vast te stellen wat in hun ogen goede rechtspraak is. Ze kunnen over allerlei aspecten van het rechterlijke werk gaan. Het zijn geen bindende voorschriften, maar richtlijnen waar rechters onder omstandigheden van af kunnen wijken. Zie Professionele standaarden op rechtspraak.nl.

  • Bij de start van het nieuwe kabinet vraagt de Raad voor de rechtspraak aandacht voor verschillende onderwerpen die volgens de Rechtspraak belangrijk zijn de komende kabinetsperiode. In een brief aan minister-president Schoof (pdf, 278,1 KB) wijst de Raad onder andere op het belang om samen de democratische rechtsstaat uit te dragen en de toegang tot de rechter te verbeteren.

    ​Noodzakelijke tegenmacht

    Tijdens de formatieperiode deed de Raad enkele aanbevelingen aan de toenmalige informateurs Dijkgraaf en van Zwol. De Raad benadrukte toen het belang van vertrouwen in instituties. In de brief schrijft de Raad dat het goed is dat nu in het hoofdlijnenakkoord expliciet staat dat er binnen de kaders van de democratische rechtsstaat zal worden gehandeld. Dit voorkomt dat er een situatie ontstaat, waarin rechters als hindermacht worden gezien in plaats van een noodzakelijke tegenmacht die ieders rechten beschermt.

    Toegang tot de rechter

    De Raad juicht toe dat het nieuwe kabinet wil investeren in de rechtsstaat. De Rechtspraak heeft de komende jaren extra geld nodig voor verbeteringen in het familie- en jeugdrecht en om de hoge werkdruk te verminderen. Naast extra geld is ook het verbeteren van de toegang tot de rechter belangrijk. Bijvoorbeeld door lagere griffierechten en de versterking van rechtsbijstand en sociale advocatuur.

    Zelf bijdragen

    In de brief staat verder dat ook de Rechtspraak bij moet dragen aan een sterkere rechtsstaat. Reflecties op de eigen rol in de Toeslagenaffaire en functioneren van het familie- en jeugdrecht heeft lessen opgeleverd, die de mensen in ons land ten goede moeten komen. Daarnaast vraagt de samenleving om tijdige, digitaal toegankelijke en voorspelbare rechtspraak. Het is aan de Rechtspraak om dit te leveren door procedures begrijpelijk en inzichtelijk te maken.

    Lees de volledige brief aan minister-president Schoof (pdf, 278,1 KB)

  • Vanaf vandaag zien advocaten in het menu van het webportaal Mijn Rechtspraak een nieuwe optie staan:Kantonjournaal (pilot). Dit is het vertrouwde kantonjournaal waarmee advocaten de actuele stand van dagvaardingsprocedures kanton kunnen bekijken, maar dan in een nieuwe uitvoering. Deze pilot is de eerste stap in de vernieuwing van alle roljournalen.

    Feedback

    De Rechtspraak nodigt advocaten uit om ervaring op te doen met het vernieuwde kantonjournaal. Via een feedback-knop kunnen zij laten weten hoe het nieuwe kantonjournaal wordt ervaren. Persoonsgegevens worden hierbij niet opgeslagen.

    Pilot is de eerste stap

    De Rechtspraak digitaliseert en vernieuwt ook wat momenteel al digitaal is, zoals de roljournalen.We zijn overgestapt op moderne programmatuur om de journalen up-to-date te kunnen houden. En we verbeteren (doorlopend) het gebruiksgemak door intensief samen te werken met medewerkers van een roladministratie en met advocaten. De pilot kantonjournaal, toegankelijk vanuit Mijn Rechtspraak, is de eerste stap. In de loop van dit jaar vernieuwen we ook de andere roljournalen met de bijbehorende formulieren: het familiejournaal, het roljournaal handelszaken en het hofjournaal. Tijdens de pilot heeft de advocaat ook nog via de huidige weg toegang tot het kantonjournaal en de andere journalen.

    Alle journalen straks vanuit één zoekscherm bereikbaar

    Alle vier de journalen zijn dan eind van het jaar samengevoegd tot één nieuw roljournaal. Daarmee zijn ze toegankelijk vanuit één zoekscherm en de advocaat kan zaken zoeken in meer journalen tegelijk. Ook werkt de Rechtspraak aan een verbinding tussen de roljournaal-formulieren en Mijn Rechtspraak. Advocaten die digitaal procederen kunnen die formulieren dan vanuit het webportaal op een gemakkelijke manier bereiken en direct, met bijlagen, indienen als die procedure landelijk digitaal is.

    Raadplegen roljournalen

    Advocaten en medewerkers van advocatenkantoren raadplegen de roljournalen vaak. Naast formulieren zijn daarin de actuele stand van zaken, de betrokken partijen en andere relevante informatie te vinden voor de verschillende civiele procedures. De advocaat kan in het roljournaal zoeken in de zaken van het eigen kantoor, in alle zaken en kan zaken volgen (observeren).

  • ‘We zijn vooral blij dat we geen hele bomen meer hoeven te versturen, maar stukken digitaal kunnen indienen via Mijn Rechtspraak.’ Nicole de Boer, advocaat bij Ploum Rotterdam, is er duidelijk over: digitale toegang van de Rechtspraak is zeer gewenst door de advocatuur. Ook advocaat Lisette Bakker (Start advocatuur) deelt die mening. ‘Alles wat nu digitaal kan, doe ik digitaal. Het is soms wat puzzelen, maar het werkt veel sneller.’

    De afgelopen twee maanden zijn er verschillende soorten civiele zaken bijgekomen waarin advocaten bij alle rechtbanken volledig digitaal kunnen procederen: kort geding handel en familie, civiele jeugdrechtzaken en gezag- en omgangszaken

    Gemak van Mijn Rechtspraak

    Lisette kende Mijn Rechtspraak al van gemeenschappelijke echtscheidingsverzoeken. ‘Het webportaal werkt makkelijk, daarom kies ik, waar dat mogelijk is, voor digitaal indienen. Niet meer printen in tweevoud, bezorgen met de post en de rechtbank nabellen of de stukken wel ontvangen zijn. Het bespaart dus tijd en geld. Bovendien heb ik het idee dat je sneller de reactie van de rechtbank hebt, in ieder geval de beschikking of het vonnis.’ Het gemak van Mijn Rechtspraak spreekt ook advocaat Hidde van der Kaaij (Ploum Rotterdam) aan. ‘Ik kende het al van beslagrekesten. Vorige week heb ik voor de eerste keer digitaal een aanvraag kort geding ingediend. Ik kan eenvoudig de documenten uit ons kantoorsysteem naar het webportaal slepen om te uploaden. En dankzij de uitleg en werkinstructies op rechtspraak.nl kun je snel uit de voeten met het webportaal.’

    Meedenken over webportaal

    Nicole houdt zich als mede-verantwoordelijke voor kennismanagement binnen het kantoor al langere tijd met Mijn Rechtspraak bezig. 'We deden mee aan de pilot kort geding handel en familie bij de rechtbank Rotterdam. Ik waardeer het enorm dat de Rechtspraak ons vraagt om mee te denken over het webportaal en de functionaliteiten.' Wat dat betreft benoemen de advocaten enkele verbeterpunten. Zo vindt Lisette het jammer dat ze de F-formulieren van de rol nu als pdf moet uploaden in Mijn Rechtspraak en dat ze alle stukken als losse pdf moet uploaden. 'Bij 25 producties is dat even puzzelen.' De functie om in kort gedingen eenvoudig een kort bericht te sturen naar de rechtbank mag van haar worden uitgebreid. 'Bij de bodemzaken is een bericht sturen ook een pdf maken en uploaden; dat is omslachtiger.' Inmiddels werkt de Rechtspraak eraan om deze functie ook beschikbaar te stellen voor andere soorten zaken. 

    Benieuwd

    Hidde is vooral benieuwd hoe het gaat met de overzichtelijkheid van Mijn Rechtspraak. ‘Na het indienen van beslagrekesten wordt er vervolgens niet (veel) meer gecorrespondeerd. Bij kort geding komt er meer correspondentie bij en stukken van de andere partij. Ik heb er goede hoop op, maar moet nog ervaren hoe dat gaat.’ Nicole zou graag zien dat je meer e-mailadressen kunt opgeven om notificaties te ontvangen als er een nieuw bericht of stuk is in het digitale dossier. ‘Ik begrijp dat de Rechtspraak kiest voor een generiek systeem om zo snel mogelijk in veel zaken digitale toegang te kunnen bieden. Op sommige onderdelen mag er meer oog zijn voor de werkwijze van advocatenkantoren. Onze eigen dossiers zijn namelijk al lang digitaal. Toch blijft voorop staan dat het erg prettig is we eindelijk digitaal toegang hebben tot de Rechtspraak.’

    Digitale Toegang

    Digitaal procederen in onder andere kort geding handel en familie is onderdeel van Digitale Toegang van de Rechtspraak. Hiermee realiseert de Rechtspraak eenvoudige digitale toegang voor alle rechtzoekenden en hun procesvertegenwoordigers in de rechtsgebieden civiel recht en bestuursrecht. Digitaal procederen is vooralsnog vrijwillig, maar wordt op enig moment verplicht voor juridische professionals.